Maud* & Tim* | TweelingEngeltjes

Maud* & Tim*

Het is begin september 2008 als we eindelijk een positieve zwangerschapstest in handen hebben. Springend, huilend en lachend tegelijk staan we in de kamer. Het was een lange weg hier naar toe. Een weg van vele ziekenhuisbezoeken, onderzoeken, hormoonpillen, injecties, echo’s en veel teleurstelling en geduld. Maar eindelijk wordt het beloond! Met 7 weken zwangerschap staat de eerste echo gepland. In de tijd tot de echo had ik al diverse malen tegen Ruben gezegd; ik denk dat het er 2 zijn. Niet dat daar een bepaalde reden voor was, ik voelde het gewoon. En jawel, als de echoscopiste zegt, zien jullie wat ik zie, ben ik de eerste die zegt, het zijn er 2 he? En het zijn er inderdaad 2!

Beide hartjes kloppen, alles ziet er goed uit. Wat zijn wij blij! Als de volgende echo met 3 maanden zwangerschap ook goed is mag het de wereld in. Iedereen is blij voor ons. De zwangerschap verloopt voorspoedig, wel ben ik vaak misselijk en moet ik regelmatig overgeven maar dat vind ik alleen maar een hele fijne bevestiging. Ik ben gewoon zwanger!Begin december krijg ik op het werk last van erge rugpijn. Ik bel eind van de dag de gynaecoloog en moet de volgende dag langs komen. Er wordt een echo gemaakt, alles is goed. Mijn buik groeit hard door de 2 kindjes. Voor de rugpijn kan ik terecht bij de fysio.  Ik moet een paar keer langs komen en oefeningen doen.

Ik ben gewoon weer fulltime aan het werk gegaan. Het waren soms lange dagen maar het ging. Op zondagavond 4 januari 2009 verlies ik opeens slijm tijdens een toiletbezoek. Het zit me niet lekker en ondanks dat Ruben zegt, bel de gynaecoloog, doe ik het niet. De volgende dag staat toch al de 20-weken echo gepland en ik wil niet zo’n zeurende zwangere zijn. Ik ga wel even zoeken op internet en stuit op een verhaal op Tweelingengeltjes en lees over slijmverlies en vroeggeboorte en daardoor het overlijden van beide baby’s. Ik krijg een naar gevoel. De volgende dag moeten we gelukkig al vroeg in het ziekenhuis zijn. De gynaecoloog maakt de 20-weken echo. Het zijn een jongen en meisje!

Het meisje is helemaal gezond, het jongetje ligt voor geen meter stil en kan dus niet alles goed gemeten en bekeken worden. Daarvoor moeten we nog een keertje terug komen maar geen zorgen, zo op het eerste oog is alles prima. Blij en opgelucht zitten we later aan het bureau. O ja, nog even melden dat ik slijm verloren ben. Hij gaat even inwendig kijken en al snel kan ik mij weer aankleden. Hij heeft genoeg gezien. Hard en ongevoelig deelt hij ons mee dat er een grote kans is dat we de zwangerschap gaan verliezen, er puilt al een stukje vruchtzak door de baarmoedermond. Nee, nee, nee… Dit kan niet waar zijn! Hoe kan het dat ik verder niks gemerkt heb? We zijn helemaal van de kaart en ontzettend bang dat het alsnog mis gaat en we beide kindjes gaan verliezen. Waarom? Hij wil proberen de vruchtzak terug te duwen en dan een cerclage aan te leggen om de baarmoederhals om zo de baarmoedermond weer te sluiten. Ik mag meteen niks meer doen en word meteen naar de verloskunde afdeling gebracht en moet met mijn benen omhoog liggen en mag het bed absoluut niet meer uit. Een paar uur later ga ik naar de operatiekamer, krijg een ruggenprik en krijg ik de cerclage.

Ik ben bij en krijg mee dat het niet van een leien dakje gaat. De tranen stromen over mijn gezicht en snap tot op de dag van vandaag niet waarom die man dit zo ongevoelig en bot besprak met zijn collega’s terwijl ik alles doodsbang mee kreeg. De cerclage zit er om maar niet zo ver als hij graag gewild had. Weer zegt hij dat de kans groot is dat dit niet goed gaat aflopen. En weg is hij. 

Ik verblijf een week in het ziekenhuis en mag het bed niet uit. Iedere dag worden de hartjes geluisterd of krijg ik een echo. Om mijn buik rustig te houden krijg ik ook weeënremmers. Helaas horen we halverwege de week dat de vliezen gebroken zijn van het onderste kindje en ik verlies kleine beetjes vruchtwater. De dagen zijn lang en ondanks de bezoekjes van familie, artsen etc. heb ik veel te veel tijd om na te denken en lig ik vaak bang om wat komen gaat naar buiten te staren naar de vele auto’ s die langs rijden. De wereld draait gewoon verder tijdens het knokken om beide baby’s zo lang mogelijk in mijn buik te houden. Ruben probeert wel te werken en is verder altijd bij mij in het ziekenhuis, hij mag zelfs iedere nacht bij mij op de kamer slapen.

Na een week ziekenhuisopname komt op een avond zelfs nog na zijn dienst onze fijne, eigen gynaecoloog langs om te kijken hoe het gaat. Hij geeft ons de keuze om te blijven afwachten in het ziekenhuis maar ik mag ook naar huis, mits ik ook daar volledige bedrust pak. Ik kies voor thuis maar wil wel graag nog een echo voor we gaan. Dat wordt meteen geregeld en de situatie is nog steeds hetzelfde. Gelukkig nog voldoende vruchtwater bij het onderste kindje, het loopt weg maar er wordt gelukkig nog steeds bijgemaakt.

De volgende dag vertrekken we naar huis met strikte regels en een noodtelefoonnummer die we bij bepaalde situaties moeten bellen. Al snel gaat het mis en kunnen we midden in de nacht bellen, een erg onrustige buik met veel harde buiken. Naar het ziekenhuis en weer aan de weeënremmers.  De volgende ochtend is alles weer rustig en mag ik weer gaan. De controle van paar dagen later is goed, de baby’s groeien als kool en mijn buik ook. Met 22 weken zwangerschap meet hij mijn buik al rond de 34 weken (eenling)zwangerschap. Als het een paar dagen later weer in de nacht niet goed gaat moeten we weer naar het ziekenhuis en krijg ik weer weeënremmers. Ditmaal moet ik ook weer blijven. 

De dagen verlopen weer hetzelfde, om de zoveel uur weeënremmers, iedere dag komen ze de hartjes luisteren of een echo maken, bloedprikken, etc. Tijdens een gesprek met de gynaecoloog krijgen we te horen dat het onderste kindje minder vruchtwater heeft met als gevolg dat ze haar spieren niet goed kan ontwikkelen en ze spastisch zal zijn en misschien nog wel meer problemen zal hebben. Of we voor haar willen blijven vechten. Ja natuurlijk, geen haar op ons hoofd die er aan denkt om haar leven op te geven. Daarop zegt hij dat hij contact heeft gehad met Utrecht, als ik de 24 weken haal zal ik daar naar toe gaan omdat ze daar simpelweg veel meer voor onze baby’s kunnen betekenen mochten ze veel te vroeg geboren gaan worden. We hopen met heel ons hart dat we dit gaan halen en voor zover ik kan vecht ik hier voor. Helaas zal ik de 24 weken net niet gaan halen.

Op vrijdagmiddag 23 januari krijg ik een echo van een co-assistent. Ze kan het onderste kindje niet goed op de echo krijgen en duwt erg hard en pijnlijk op mijn buik. De gynaecoloog heeft het kindje daarna probleemloos in beeld. Zelfde situatie. Mijn buik blijft echter gevoelig en wordt weer onrustig. Die avond krijg ik de ene harde buik na de ander en ik voel dat het de verkeerde kant op gaat. Het is druk op de afdeling en na vele belletjes komt er eindelijk iemand maar ik mag geen weeënremmer omdat ze deze net wouden gaan afbouwen, in het belang van de baby’s. Na lang smeken krijg ik alsnog maar het is te laat. Ruben moet eind van de avond naar huis, uitgerekend vandaag ligt er iemand bij mij op de kamer. Ik krijg slaaptabletten zodat ik wat kan slapen in de hoop dat alles in mijn lichaam weer rustig wordt.

Helaas. Ik word alleen maar onrustiger en ik word van de kamer gehaald en kan Ruben bellen. Het gaat niet goed. Als Ruben bij mij is willen ze inwendig gaan kijken wat er aan de hand is. Ik schreeuw het uit van de pijn als ze de eendenbek wil inbrengen, het lukt niet maar er zit wel groene pus op. Mis, het is helemaal misse boel. Ik weet meteen, groen betekent een ontsteking. Dat blijkt inderdaad zo te zijn. De cerclage moet er vanaf want nu wordt het ook gevaarlijk voor mij. Maar we weten allemaal wat er gaat gebeuren als de cerclage verwijderd zal worden. De bevalling zal doorzetten en omdat ik nog net geen 24 weken zwanger ben zullen ze de baby’s niet mogen helpen. We staan op het punt om ouders te worden maar zullen onze kindjes meteen weer verliezen.

We zijn helemaal overstuur maar oh wat heb ik een pijn. Onze eigen gynaecoloog wordt uit bed gebeld en al snel rent hij met een bezorgt en geschrokken gezicht mijn bed naar de ok. Zijn gezichtsuitdrukking ben ik nooit meer vergeten. Ik ga onder volledige narcose en daardoor mag Ruben niet mee. Hij blijft achter bij een lieve verpleegster die goed voor hem zorgt, hij is helemaal overstuur. Als ik bijkom lig ik meteen volop in de weeën, buikweeën maar ook rugweeën en ik herken de ‘rugpijn’ die ik in december ook heb gehad. Ze rijden ons terug naar verloskamers en om 6.50 uur wordt onze Maud geboren, een klein maar perfect en helemaal af meisje. Er wordt gezegd dat ze niet meer leeft. Toch heeft Ruben haar geluidjes horen maken. Ik weet het niet. Ze hebben me rustgevende en pijnstillende middelen gespoten en ben niet helemaal helder. 10 minuten later wordt Tim geboren, ook een klein maar perfect en helemaal af kindje. Hij leeft en huilt zachtjes.

Ze wikkelen Maud en Tim in doeken en leggen ze in onze armen. Ik schreeuw naar de arts help hem dan, hij leeft, help hem!! Maar ze zegt niks te mogen doen, hou ze maar dicht bij je. Wat een verdriet en tranen. Tim overlijdt om 9.00 uur. We zijn kapot van verdriet. Het was zo’n lange weg en op de valreep verliezen we alsnog onze beide kindjes. Zo geknokt, maar van een infectie kun je het simpelweg niet winnen, het was niet meer tegen te houden. Onze ouders zijn er inmiddels ook. De verpleegsters zorgen goed voor ons en Maud en Tim. Ze nemen ze mee om voetafdrukjes te maken. We moeten een begrafenisondernemer gaan bellen en in de loop van de dag komt onze andere familie allemaal langs. Aangeslagen, verdrietig en zich net als ons, afvragend waarom het toch zo heeft moeten gaan.

Maud en Tim waren allebei gezond, aan de placenta was ook duidelijk te zien hoe goed ze het hadden gehad in mijn buik. We moeten de volgende dag het ziekenhuis via de achteruitgang verlaten met een dicht mandje. Verschrikkelijk. De kraamzorg en de begrafenisonderneemster komen langs. Alles wordt voor ons geregeld, het mandje wordt vervangen door een kistje waar Maud en Tim samen in mogen liggen. Ze krijgen een dekentje met kleine schaapjes, het thema van de babykamer maar zover is het nooit gekomen, de kaartjes worden gedrukt. De paar dagen dat ze op hun kamer thuis zijn worden we geleefd. We maken foto’s, houden ze bij ons en zitten vaak huilend bij ze op hun kamer. Er komen veel mensen afscheid nemen. Op 29 januari 2009 zijn Maud en Tim in familiekring begraven.

Inmiddels zijn we 9 jaar verder. Het gemis is groot. We hebben 2 jaar na hun geboorte en overlijden na weer een lange weg behandelingen en dit keer IVF, nog een dochter mogen krijgen. Opnieuw een spannende zwangerschap waarvan ik vanaf week 15 t/m 32 wekelijks in het ziekenhuis was. Vanaf week 32 kreeg ik weer bedrust omdat de baarmoederhals dusdanig kort was dat er weer voor vroeggeboorte gevreesd werd. Ik had het de hele zwangerschap al geroepen en inderdaad werd ik 24 januari 2011 wakker met weeën. Huilend onder de douche, niet op deze dag. En ondanks dat alles klaar stond in het ziekenhuis zakten de weeën toch nog af en werd Floor Maud na een snelle bevalling geboren op haar eigen dag, 25 januari, met 37+1 weken zwangerschap.

Na weer een lange weg behandelingen, een miskraam en operatie aan mijn eierstokken gooien we het strijdbijltje er bij neer. De spanningen, teleurstellingen, vele hormonen en ritjes naar het ziekenhuis zijn ons teveel geworden. Er zullen helaas nooit meer kinderen bij komen. Dat doet zeer en we hebben er veel verdriet van. Maud en Tim worden dagelijks gemist, wat hadden we ze graag zien opgroeien.

Hun namen worden door ons nog regelmatig genoemd, hun foto’s en namen staan in onze kamer. In het begin gingen we dagelijks naar de begraafplaats, nu verschilt het. Soms wekelijks, soms een paar keer in de maand, soms ook een maand niet maar goed voelt dat niet. Als we een tweelingwagen tegen komen draaien we nog steeds onze hoofden weg, als het op tv over een tweeling gaat zappen we weg, verhalen hoeven er ook niet over te horen en foto’s niet te zien. Dat doet ook na 9 jaar nog altijd zeer.

Verder gaat het goed met ons. Het verdriet en gemis zal er altijd zijn, het heeft ons ook veranderd. We zijn zelfs vriendschappen verloren, mensen die er niet mee om kunnen gaan. Maar we hebben er onze weg in kunnen vinden, het hoort nu eenmaal bij ons leven. Confrontaties zullen er altijd zijn. Eind december beginnen bij mij de slapeloze nachten, nachten waarin ik alles weer beleef. 24 januari en 25 januari, twee dagen van uitersten, ook dat zal altijd zo blijven. Maar zoals ik bij het eindgesprek van de maatschappelijk werkster half 2009 zei; ze hebben ons ouders gemaakt en zullen altijd in ons hart overal mee naar toe gaan. En zo is het.

Maud & Tim

Maud* & Tim*
✩ Beiden geboren en overleden op 24-01-2009 ✩

Reageren = lief